Ook adoptie volgt de markt

uit: Trouw

Interlandelijk adoptie wordt nog te veel gezien als heilzame interventie voor ’ouderloze’ kinderen. Dat de landen van herkomst er goed aan verdienen, blijft ongenoemd.

Minstens twee keer per jaar staat het onderwerp adoptie op de agenda van de media. Zo ook bij Trouw afgelopen weekend. In het artikel wordt een aantal cijfers uit Nederlands wetenschappelijk onderzoek gebruikt, onder meer van onderzoeken door Femmie Juffer van het Adoptie Driehoek Onderzoeks Centrum (ADOC). Dit onderzoekscentrum wordt grotendeels gefinancierd door de grootste adoptiebemiddelingsorganisatie van Nederland, Wereldkinderen. Het betreffende onderzoek richt zich echter vooral op jong geadopteerden. Er is nog relatief weinig vergelijkende onderzoekmateriaal over (jong)volwassen geadopteerden en geadopteerden die zelf intussen ouders zijn geworden.

Interlandelijke adoptie wordt nog steeds graag gezien als een gewenste en heilzame sociale interventie van westerse ouders voor ’ouderloze’ niet-westerse kinderen. Het beeld van westerse altruïstische ouders die hoegenaamd, kansarme en zielige kindjes uit noodlijdende landen helpen is hardnekkig. In de meeste gevallen is niets echter minder waar. De groei van het aantal adoptieaanvragen gaat bijna gelijk op met het percentage van ongewild ouderloze echtparen in westerse landen. Daarnaast is er een sterke relatie aan te tonen tussen mislukte andere alternatieve wegen voor zwangerschappen en de late leeftijden waarop tegenwoordig potentiële adoptieouders overgaan tot de keuze voor adoptie. Adoptie is hier vooral een mogelijke uitweg en letterlijk, een derderangs keuze.

Naast de biologische aspecten is er bij adoptie sprake van marktwerking. Zo hangt er een prijskaartje aan kinderen uit ’populaire’ adoptielanden en minder populaire adoptielanden. Wie een kind uit Zuidoost-Azië wil, bijvoorbeeld Zuid-Korea of China, betaalt meestal beduidend meer dan voor een kind uit Bangladesh of een Afrikaans land. In veel gevallen kunnen bij de adoptievoorbereidingen al formulieren worden ingevuld met een voorkeur voor huidskleur, kleur ogen, gezondheidsindicaties en dergelijke.

Ook komt het vaak voor, dat een kind dat naar het buitenland vertrekt de betrokken instanties veel meer oplevert dan een kind dat in eigen land voor adoptie wordt vrijgegeven. In Zuid-Korea bijvoorbeeld, ligt dat verschil in veel gevallen tussen de 25.000 euro en 2500 euro. In dit land is intussen een aantal adoptieagentschappen uitgerust met verloskamers, de zogeheten nursery rooms, waar vrouwen met een ’ongewenste’ zwangerschap direct na de bevalling afstand van hun kinderen kunnen doen, na een goed ’counselinggesprek’ met een van de medewerkers van de organisatie. Het is dan ook niet verwonderlijk dat grote adoptieagentschappen, voornamelijk uit de Verenigde Staten, incognito meereizen met handelsmissies om de belangen zeker te stellen voor potentiële preferred suppliers. China zal bijvoorbeeld over enkele decennia Zuid-Korea met ruim 200.000 adopties, tot nu toe de grootste adoptieleverancier ter wereld, voorbij streven met een geschatte grootte van 300.000 tot 500.000 adopties met een marktwaarde van naar schatting meer dan vijf miljard euro.

Door iedere keer persoonlijke portretten van geadopteerden in de media te laten zien, (die overigens opvallend genoeg telkens kinderen worden genoemd), en de grote belangen van internationale adoptie niet aan de orde te stellen, wordt de gedachte gevoed dat interlandelijke adoptie een incidenteel proces is. Zo wordt voorkomen dat er kritische geluiden klinken over de pijnlijke ontstaansgeschiedenis van het vooral door het Westen gedomineerde fenomeen van internationale adoptie en de claim op het recht van ouderschap.

Waar stopt humaniteit en begint commercie?, vroeg Robert Ackerman van de Amerikaanse ambassade in Seoul zich al in 1989 af, toen de stroom adopties van Koreaanse kinderen door buitenlandse ouders steeds maar toenam. Het is volgens mij hoog tijd dat wij eens vragen gaan stellen bij de maakbaarheid van het leven en ons gaan afvragen in wiens belang adoptie nu werkelijk is.

Hilbrand W.S. Westra komt uit Korea en is coördinator van United Adoptees Internationaal, een organisatie van adoptiekinderen uit alle landen.